JLE 03 - Installatie van Eclipse

downloaden van Eclipse

We kiezen voor Eclipse als IDE of Integrated Development Environment. Een IDE is een werkomgeving die je moet helpen bij het schrijven van programma’s. Voor Java kan je evengoed met Notepad aan de slag gaan, maar Eclipse is een zeer handige en populaire IDE. Het grote voordeel van Eclipse is dat er een hele reeks aan plugins beschikbaar zijn, zowel betalend als gratis, waardoor je deze omgeving naar believen kan uitbreiden. Eclipse zelf is gratis verkrijgbaar. Om Eclipse te installeren moet je naar www.eclipse.org surfen. Daar zie je in de navigatiebalk een tab met de titel “downloads”.

Als je klikt op de tab “downloads”, verschijnt de volgende webpagina waar je Eclipse 3.2 kan downloaden.

Vervolgens moet je een mirror kiezen. Eclipse kan je afladen van een hele reeks servers die verspreid staan over de hele wereld. Na de keuze van een mirror wordt een zipbestand afgeladen. En hier moeten we wel even geduld hebben : de tijd voor een pauze. Maar veel hangt ook af van de server : neem zeker niet die van Wenen (Vienna). Die is bijzonder traag. De enige server van de UK heeft een behoorlijke snelheid.

uitpakken van het zipbestand

De zip file bevat reeds de bestanden van eclipse. Er komt dus geen installatie aan te pas, tenzij je het uitpakken van de zipfile een installatie noemt. Het voordeel aan deze werkwijze is dat je voor het verwijderen van Eclipse niet via Start – Set program Access and defaults moet passeren. Als je Eclipse wil verwijderen, verwijder je gewoon de folder waar je Eclipse in geplaatst hebt.

Een tweede voordeel is dat je Eclipse vanuit één zipbestand meerdere keren kan installeren. Voor deze cursus heb ik Eclipse 2 maal geïnstalleerd op de harde schijf. Eén versie heb ik gehouden zoals ze was; de tweede versie heb ik uitgebreid met MyEclipse. MyEclipse is een betalende plugin die bijzonder handig kan zijn. Op de mogelijkheden komen we later nog terug. Om Eclipse te installeren, moet je het zipbestand openen. Klik vervolgens op de button “Extract”. Vervolgens zie je een scherm waar je enkele keuzes moet maken :

Heb je gedaan met het zipbestand uit te pakken, dan kan je gaan kijken naar het resultaat. Open de explorer en ga naar de folder waar je Eclipse hebt uitgepakt. In ons voorbeeld is dat C:\Program Files\Eclipse.
In deze folder zie je een aantal ikonen, zoals hiernaast is afgebeeld. Selecteer het logo van Eclipse en dubbelklik om Eclipse op te starten.

opstarten van Eclipse

Zodra we Eclipse voor de eerste keer opstarten, moeten we bepalen waar we de workspace of werkruimte willen beheren. Eclipse doet een voorstel, maar via de browse-knop kan je nog een andere folder kiezen of eventueel een nieuwe folder aanmaken en deze als werkruimte kiezen. Voor onze installatie hebben we ervoor gekozen om de workspace onder de eclipse-folder te plaatsen. Eventueel kan je ook de optie “use this as the default and do not ask again” aanvinken. Als je dat doet, zal Eclipse bij de volgende opstart de vraag naar de folder van je werkruimte niet meer stellen.

Vervolgens zie je het welkomscherm met enkele ikonen, zoals hiernaast is afgebeeld. Als je met de cursor over een ikoon gaat, verschijnt de uitleg onder de ikoon. Selecteer de ikoon die helemaal links op het scherm staat om naar de workbench te gaan.

En vervolgens kom je op de workbench of werkbank. Gezien we ons eerste project of programma nog moeten schrijven, is het scherm bijzonder leeg, zoals je hieronder kan zien.

ons eerste project

We gaan weer de helloWorld toepassing maken, maar dit maal in Eclipse. Klik daarvoor op File – New. Je krijgt dan een overzicht te zien waarin je project moet kiezen.

Vervolgens kies je het type project; kies hier voor “java project” zoals hieronder is aangegeven.
Allereerst moet je een naam opgeven voor het Java project; we zullen kiezen voor “JLE” (Java Leren met Eclipse). Je hebt de keuze tussen de creatie van een nieuw project in de workspace, of de creatie van een project op basis van een bestaande source of broncode. Dit laatste is vooral handig als je reeds een hele reeks Javaprogramma’s hebt die je in Eclipse wil inlezen.

Vervolgens kies je de JRE of Java Runtime Environment. Op dit moment hebben we enkel de jre1.5.0_07 geïnstalleerd. Zodra je later meerdere versies van de JRE en SDK hebt geïnstalleerd op de harde schijf, kan het nuttig zijn om je keuze van JRE te kunnen maken.

De opmaak van het project kan je ook bepalen. In dit geval laten we de standaardkeuze ongemoeid : de projectfolder zal zowel de broncode (.java files) als de gecompileerde bestanden (.class files) omvatten.

Heb je de naam van het project ingevuld, dan is de Next knop niet meer uitgegrijsd en kan je hiermee verder gaan.

In het volgende scherm kan je nog een aantal settings wijzigen. Voor ons eerste project stellen we ons tevreden met de standaardwaardes.

Zodra je op de Finish knop hebt geklikt, ga je terug naar de workbench of werkbank. En hier zie je de folder met de naam “inleiding”. Onder de projectfolder zie je een verwijzing naar de JRE of Jara Runtime Environment. De bestanden die onder JRE System Library staan, zijn zogenaamde JAR’s of Java Archives. Een JAR heeft in feite dezelfde structuur als een zipbestand en bevat de classes die met de installatie van de JRE zijn meegeleverd. Gezien jar tevens het Engels is voor kruik, wordt een jar file gesymboliseerd door een ikoon dat veel weg heeft van een bokaal of kruik

ons eerste Javaprogramma

We gaan opnieuw het Javaprogramma HelloWorld invoeren, maar ditmaal via Eclipse in plaats van Notepad. Klik daarvoor op File – New – Class.

Als je de naam van de Java Class invult (HelloWorld), zonder de package in te vullen, krijg je een waarschuwing : het gebruik van het standaardpakket of default package is toegelaten maar wordt afgeraden. Het nut van de package behandelen we later.

We geven als packagenaam “inleiding” op en vinken de optie aan voor public static void main(). Hiermee geven we aan dat we automatisch de main methode willen voorzien in deze klasse. Het nut van de mainmethode houden we voor later.

Zodra de op de Finish-knop hebben geklikt, zien we aan de linkerkant van de Eclipse workbench de aanduiding van het pakket “inleiding” waarin de klasse HelloWorld.java zit.

De editor toont nu de gegenereerde code van de class HelloWorld. Merk op dat we een methode main() hebben, zoals gevraagd was in het vorige scherm. De methode is nog niet ingevuld, en dus herinnert Eclipse je eraan dat je nog werk hebt : er staat een TODO tussen de accolades { } die het begin en einde van de methode aanduiden.

Eclipse helpt je trouwens een handje. Zodra je System. hebt ingetikt, toont Eclipse een scherm van alle termen die geldig zijn na System. Merk op dat dit scherm pas verschijnt als je de punt na System hebt ingetikt.

Zodra we System hebben vervolledigd tot System.out, verschijnt er weer een scherm van mogelijkheden. Rol in het keuzescherm naar beneden tot je println() ziet. Selecteer println en je krijgt een overzicht van wat deze methode inhoudt.

Na selectie van println(), staat er nu System.out.println() in het editorscherm. Je kan nu deze code vervolledigen tot System.out.println(“Hello World”); .

Nu heb je de TODO van Eclipse niet meer nodig. Ga daarom in de linkermarge van het editorscherm naar het ikoon met een vinkje. Daarna verschijnt “remove task tag”. Klik hierop en je TODO is verdwenen.

Bovenaan het editeerscherm staat de naam van het bestand HelloWorld.java met een asterisk voor. Deze asterisk geeft aan dat het bestand is gewijzigd, maar nog niet op harde schijf bewaard.

Klik op het ikoon van de diskette om het bestand te bewaren. De asterisk voor de naam zal verdwijnen als teken dat de versie in het editorscherm ook effectief op harde schijf is bewaard.

Wil je deze klasse uitvoeren, klik dan op het ikoon met de witte pijl in een groene cirkel . Je krijgt een keuzescherm zoals hieronder is weergegeven. Kies hier voor Run as – Java application.

Onderaan het scherm, wordt nu de Console getoond. Hierin wordt de tekst afgebeeld “Hello World” die je gevraagd had om te tonen.

Toegegeven, de uitvoer is evenmin spectaculair als het voorbeeld dat we bij de installatie van de Java SDK hebben laten zien. Maar deze keer konden we alles regelen vanuit één enkele werkomgeving : het schrijven, compileren en uitvoeren van het programma gebeurde in Eclipse.